Hoe werkt omzetbelasting?

Aankomende maand moet er weer omzetbelasting worden betaald. Hoe zit dit precies in elkaar en waaruit is dit opgebouwd? Moet elk kwartaal omzet belasting worden betaald? Of kan dit ook maandelijks of jaarlijks?



Discussieer en antwoord


Andere antwoorden

Als je iets koopt in een winkel betaal je naast het product zelf ook omzetbelasting. In dit artikel wordt uitgelegd wat omzetbelasting is.

Wanneer je in een winkel een televisie koopt voor € 399,00, dan is op de bon het bedrag uitgewerkt en staat het volgende vermeld:
Geleverd tegen contante betaling
1 TV                                                           € 335,30
Omzetbelasting 19% van € 335,30    € 63,70
Totaalbedrag                                           € 399,00

Als klant betaal je een bedrag van € 399, maar daarvan is € 63,70 belasting. Deze belasting wordt door de overheid geheven over de omzet (dat is een ander woord voor de verkopen) van alle bedrijven, winkels en andere soorten organisaties. Daarbij gaat het zowel om het verkopen van spullen als om het verkopen van diensten. Als een schilder je huis komt schilderen, dan betaal je dus omzetbelasting over de verf die de schilder aan je verkoopt, maar ook over het bedrag dat de schilder je in rekening brengt om het huis te schilderen.

De winkelier die de televisie aan je verkocht heeft de gekochte televisie niet zelf gekocht. Hij heeft hem gekocht van een ander bedrijf. Ook bij die verkoop is omzetbelasting berekend door de importeur aan de winkelier.

De factuur die de importeur met de TV opstuurde naar de winkelier zag er bijvoorbeeld zo uit:
Geleverd op rekening:
1 TV                                                             € 289,00
Omzetbelasting 19% van € 289,00       € 54,91
Totaalbedrag                                             € 343,91

Net als bij de winkelier berekent de importeur van de TV dus de omzet over de prijs die hij voor de TV in rekening brengt. De winkelier is dus zowel ontvanger van omzetbelasting (van zijn klanten) als betaler van omzetbelasting (aan zijn leveranciers).

Afdracht

De omzetbelasting mag de winkelier niet zelf houden. De meeste bedrijven moeten een keer per maand of een keer per kwartaal aan de belastingdienst opgeven hoeveel ze hebben verkocht en hoeveel omzetbelasting daarvoor in rekening is gebracht aan hun klanten.

Maar de winkelier trekt de omzetbelasting die hij zelf heeft betaald aan de leveranciers af van de omzetbelasting die hij heeft ontvangen.

Stel dat een TV-winkel in een bepaalde maand 100 TV’s heeft verkocht voor € 399,00 per stuk inclusief omzetbelasting, en dat hij om zijn voorraad weer op pijl te brengen in diezelfde maand 93 TV’s heeft ingekocht voor € 298,00 per stuk exclusief omzetbelasting. Voor het voorbeeld gaan we er even van uit dat hij verder geen kosten heeft, en ook geen andere dingen verkocht heeft.

Voor de TV-winkel zal de aangifte van die maand er als volgt uitzien:
Omzet TV’s                                         € 33.530,00
Omzetbelasting ontvangen
19% van € 33.530,00                       € 6.370,00
Omzetbelasting betaald aan leveranciers:
19% van 93 x € 289,00                    € 5.106,63
Omzetbelasting af te dragen:
€ 6.370,00 minus € 5.106,63         € 1.263,37

Per saldo moet de winkelier dus € 1.263,37 aan omzetbelasting afdragen

De aangifte voor de omzetbelasting moet binnen een maand worden ingediend, en ook de moet de winkelier binnen een maand uit zichzelf het totale bedrag van de verschuldigde omzetbelasting aan de belastingdienst overmaken.

Percentage Belasting

Er zijn diverse percentages voor de omzetbelasting, afhankelijk van het soort product of dienst. In de volgende tabel staan ze opgenoemd:

  • algemeen tarief: 19%
  • verlaagd tarief: 6%
  • handel met het buitenland: 0%

In principe vallen alle goederen en diensten onder het tarief van 19%. Alleen als er sprake is van een uitzondering geldt het verlaagd tarief, of hoeft er helemaal geen omzetbelasting te worden geheven.

Om in aanmerking te komen voor het verlaagd tarief moet het gaan om goederen zoals bijvoorbeeld voedingsmiddelen, water, agrarische producten en geneesmiddelen. Diensten die onder het verlaagd tarief vallen zijn bijvoorbeeld: reparaties, kappers, schilderen van woningen ouder dan 15 jaar, campings en kermisattracties. De precieze regels zijn te vinden op de website van de belastingdienst.

Het 0%-tarief (geen omzetbelasting dus) geldt voor levering van goederen en diensten aan afnemers in het buitenland. Overigens moet de afnemer in eigen land vaak wel omzetbelasting betalen over deze inkopen.