Pakketjes maken, versturen en ontvangen
Pakketjes maken
De verzending van alle soorten gegevens (of het nu een e-mail is of een web pagina) gebeurt op dezelfde manier. Eerst worden de gegevens door het TCP-protocol opgesplitst in kleine stukjes die packets (pakketjes) heten.

Pakketjes versturen
Elk pakketje is even groot en wordt voorzien van het IP-nummer van de afzender van het pakketje en het IP-nummer van de bestemming. Er wordt als het ware een envelop omheen gedaan. Vervolgens komt het IP-protocol in actie.
Elk van de pakketjes wordt afzonderlijk op pad gestuurd. De computer die een pakketje moet verzenden heeft geen directe verbinding met de ontvanger, maar wel met één of meer andere computers.
Het pakketje wordt naar een van deze computers gestuurd met het verzoek om het door te sturen naar de bestemming. Deze computer op het tussenstation bekijkt het IP-nummer van de bestemming en kiest een vervolg van de route.
De computers die als tussenstation optreden bepalen dus zelfstandig het vervolg van de route van het pakketje. Om deze reden worden ze ook wel routers genoemd.
De volgende afbeelding geeft een voorbeeld van de verschillende routes:

Alhoewel elk pakketje dus een andere route kan nemen komen ze uiteindelijk allemaal bij de bestemming aan. Als gevolg van de verschillende routes komen de pakketjes niet altijd in de volgorde van verzending aan.
De ontvanger plakt alle pakketjes weer aan elkaar, in de goede volgorde.
Packet switching
Door het opknippen van netwerkverkeer in pakketjes, en door deze pakketjes stuk voor stuk op pad te sturen, en doordat de routers beslissen welke kan ze de pakketjes op sturen, heet deze technologie Packet Switching.
